Spring naar inhoud

12.6 Toelichting op de geconsolideerde balans per 31 december 2022

1.   DAEB en niet-DAEB-vastgoed in exploitatie 2022   2021  
  DAEB Niet-DAEB DAEB Niet-DAEB
Aanschaffingswaarde 392.870 39.959 379.275 40.520
Cumulatieve waardevermindering 504.509 10.596 355.124 973
Boekwaarde per 1 januari 897.379 50.555 734.399 41.493
         
Mutaties in het boekjaar        
Nieuwbouw 2.257   4.593 -
Investeringen na eerste waardering 4.255 17 9.766 1
Afwaardering investering na eerste waardering -2.271   -4.860 -
Aankopen     - -
Verkopen -8.777 -2.520 -3.610 -416
Naar vastgoed in ontwikkeling     - -
Mutatie voorraad -25   -1.602 -
Terugkoop verkoop onder voorwaarden     156 -
Waardeveranderingen verantwoord in het resultaat -12.309 -2.928 158.537 9.476
Totale mutaties in het boekjaar -16.870 -5.431 162.980 9.061
         
Aanschaffingswaarde 395.868 35.636 392.870 39.959
Cumulatieve waardevermindering 484.641 9.488 504.509 10596
Boekwaarde per 31 december 880.509 45.124 897.379 50.555

Per 31 december 2022 is in totaal € 522 miljoen aan ongerealiseerde herwaarderingen in de herwaarderingsreserves begrepen (2021: € 540 miljoen) uit hoofde van de waardering van het vastgoed in exploitatie tegen marktwaarde in verhuurde staat. De waardering van dit vastgoed is in overeenstemming met het Handboek modelmatig waarderen bepaald en is daarmee conform de in de Woningwet voorgeschreven waarderingsgrondslag en daaruit afgeleide ministeriële besluiten geldend ten tijde van het opmaken van de jaarverslaggeving.

De realisatie van deze ongerealiseerde herwaardering is sterk afhankelijk van het te voeren beleid van SallandWonen. De mogelijkheden voor de corporatie om vrijelijk door (complexgewijze) verkoop of huurstijgingen de marktwaarde in verhuurde staat van het DAEB bezit in exploitatie te realiseren zijn beperkt door wettelijke maatregelen en maatschappelijke ontwikkelingen zoals demografie en ontwikkeling van de behoefte aan sociale (DAEB) huurwoningen. Omdat de doelstelling van de corporatie is om duurzaam te voorzien in passende huisvesting voor hen die daar niet zelf in kunnen voorzien, zal van het vastgoed in exploitatie slechts een beperkt deel vervreemd worden. Daarnaast zal bij mutatie van een woning slechts in uitzonderingssituaties de huur worden verhoogd tot de markthuur en zijn de werkelijke onderhouds- en beheerlasten hoger dan ingerekend in de marktwaarde, voortvloeiend uit de beoogde kwaliteit- en beheersituatie van de corporatie. Dit betekent dat slechts een deel van de in de jaarrekening verantwoorde marktwaarde (en daarmee van het eigen vermogen) in de toekomst zal worden gerealiseerd. Het bestuur van SallandWonen heeft een inschatting gemaakt van het gedeelte van het eigen vermogen dat bij ongewijzigd beleid niet of eerst op zeer lange termijn realiseerbaar is. Deze schatting ligt in lijn met het verschil tussen de beleidswaarde van het DAEB bezit in exploitatie en de marktwaarde in verhuurde staat van dit bezit en bedraagt circa € 418 miljoen.

Het verschil tussen de marktwaarde en de beleidswaarde ultimo 2022 is als volgt opgebouwd:

Tabel: Beleidswaarde 2022

Vastgoed DAEB en niet DAEB in exploitatie   925.633
Rendabele investeringen renovatieprojecten   -2.273
Marktwaarde   923.360
Afslag wegens beschikbaarheid -83.064  
Afslag wegens betaalbaarheid -234.604  
Afslag wegens kwaliteit -195.572  
Afslag wegens beheer 7.114  
Maatschappelijke bestemming   506.126
Beleidswaarde   417.234

Dit impliceert dat circa 65% van het totale eigen vermogen niet of eerst op zeer lange termijn realiseerbaar is. Gezien de volatiliteit van (met name) de beleidswaarde, is dit aan fluctuaties onderhevig.

De beleidswaarde sluit aan op het beleid van SallandWonen en beoogt inzicht te geven in de verdiencapaciteit van haar vastgoed in exploitatie, uitgaande van dit beleid. De grondslagen voor de beleidswaarde van het vastgoed in exploitatie komen overeen met de grondslagen voor de bepaling van de marktwaarde met uitzondering van:

  • Enkel uitgaan van het door exploiteerscenario, derhalve geen rekening houden met een uitpondscenario en geen rekening houden met voorgenomen verkopen van vastgoed in exploitatie.
  • Inrekening van de intern bepaalde streefhuur in plaats van de markthuur, vanaf het ingeschatte moment van (huurders)mutatie.
  • Inrekening van toekomstige onderhoudslasten, bepaald overeenkomstig het (onderhoud)beleid van de corporatie en het als onderdeel daarvan vastgestelde meerjaren onderhoudsprogramma voor het vastgoedbezit, in plaats van onderhoudsnormen in de markt.
  • Inrekening van toekomstige verhuur- en beheerlasten in plaats van marktconforme lasten ter zake, Hieronder worden verstaan de directe en indirecte kosten die rechtstreeks zijn te relateren aan de verhuur- en beheersactiviteiten van de corporatie zoals deze worden opgenomen onder het hoofd ‘lasten verhuur en beheersactiviteiten’ in de resultatenrekening.
  • Voor de afslag wegens beschikbaarheid worden ten opzichte van de marktwaarde de overdrachtskosten op 0 gezet.

Voor zover afwijkend van de voor de bepaling van de marktwaarde in verhuurder staat gehanteerde uitgangspunten, zijn de gehanteerde uitgangspunten voor de toekomstige exploitatie – zoals toegepast voor de bepaling van de beleidswaarde van de activa in exploitatie – afgeleid van de meerjarenbegroting (ontwikkeling streefhuur, onderhoudslasten en de lasten van verhuur & beheer) en geënt op de wettelijke voorschriften opgenomen in RtiV artikel 15.

SallandWonen heeft hierbij uitgangspunten bepaald die mede van invloed zijn op de beleidswaarde. Wijzigingen van deze uitgangspunten zijn derhalve van invloed op deze waarde.

Sensitiviteitsanalyse

Voor de bepaling van de beleidswaarde zijn de voornaamste uitgangspunten (gemiddeld per woning teruggerekend) als volgt:

Uitgangspunt per woning 2022 2021
Disconteringsvoet 6,20% 5,80%
Streefhuur per maand 613 599
Lasten onderhoud en beheer per jaar 3.676 3.148

In onderstaande tabellen wordt aangegeven welk effect een positieve of negatieve aanpassing van deze uitgangspunten heeft op de beleidswaarde:

Effect op beleidswaarde Mutatie t.o.v. uitgangspunt Effect op beleidswaarde 2022 Effect op beleidswaarde 2021
Disconteringsvoet 0,5% hoger 35.469 lager 38.049 lager
Disconteringsvoet 0,5% lager 42108 hoger 45.968 hoger
Streefhuur per maand € 25 hoger 27.605 hoger 27.664 hoger
Streefhuur per maand € 25 lager 23.819 lager 28.867 lager
Lasten onderhoud en beheer per jaar € 100 hoger 15.986 lager 46.103 lager
Lasten onderhoud en beheer per jaar € 100 lager 15.986 hoger 11.631 hoger

De ingerekende hogere streefhuur is door aftopping effectief € 24 hoger.

2.   Vastgoed in ontwikkeling voor eigen exploitatie DAEB 2022 2021
Stand per 1 januari    
Aanschaffingswaarde 1.924 4.684
Cumulatieve afboeking in verband met reële waarde -472 -944
Boekwaarde 1.452 3.740
     
Mutaties in het boekjaar    
Investeringen 3.213 2.882
Ten laste van voorziening onrendabele investeringen -1362 -305
Naar exploitatie – woningen in exploitatie genomen -2.527 -5.642
Naar exploitatie – afwaardering in verband met reële waarde 270 777
Totale mutaties in het boekjaar -406 -2.288
     
Stand per 31 december    
Aanschaffingswaarde 2.610 1.924
Cumulatieve afboeking in verband met reële waarde -1564 -472
Boekwaarde 1.046 1.452

Vastgoed in ontwikkeling voor eigen exploitatie heeft betrekking op de lopende projecten welke nog niet zijn opgeleverd. In 2022 is er een drietal nieuwbouw projecten afgerond waarbij in totaal 12 woningen aan ons bezit zijn toegevoegd. Waardering van de opgeleverde projecten heeft plaatsgevonden op basis van de toegerekende marktwaarde in verhuurde staat. Op basis van deze waarde is de definitieve onrendabele top verantwoord, zie voor nadere uitsplitsing van deze onrendabele top de rubriek voorziening onrendabele investeringen en herstructurering in de balans. In 2022 is er voor € 463.000 aan eigen productie geactiveerd onder het vastgoed in ontwikkeling.

3.   Onroerende zaken verkocht onder voorwaarden 2022 2021
Stand per 1 januari 3.093 2.723
     
Mutaties in het boekjaar    
Waardemutaties 305 526
Terugkoop woningen 0 -156
Totale mutaties in het boekjaar 305 370
     
Stand per 31 december 3.398 3.093

Het aantal woningen opgenomen onder onroerende zaken verkocht onder voorwaarden bedraagt 16 (2021: 16). Ultimo boekjaar zijn er geen onverkochte woningen gelabeld voor verkoop onder voorwaarden.

4.   Onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie 2022 2021
Stand per 1 januari    
Aanschaffingswaarde 12.891 12.549
Cumulatieve afschrijvingen -6.688 -5.723
Boekwaarde 6.203 6.826
     
Mutaties in het boekjaar    
Investeringen 1.303 342
Afboeking oude activa investering -113 0
Afschrijvingen -477 -965
Afboeking oude activa cumulatieve afschrijving 113 0
Totale mutaties in het boekjaar 826 -623
     
Stand per 31 december    
Aanschaffingswaarde 14.081 12.891
Cumulatieve afschrijvingen -7.052 -6.688
Boekwaarde 7.029 6.203
     
Uitsplitsing boekwaardes 2022 2021
Grond en gebouwen 5.344 5.598
Inventaris 11 12
Automatisering 1329 530
Vervoermiddelen 345 63
Totale boekwaarde 7.029 6.203

Voor het kantoorpand geldt dat  de grond niet wordt afgeschreven en dat voor het gebouw een afschrijvingstermijn geldt van 30 jaar. Vervoersmiddelen hebben een afschrijvingstermijn van 7 jaar en de overige materiële vaste activa worden lineair in 5 jaar afgeschreven. Er zijn geen materiële vaste activa als zekerheid gesteld voor de langlopende schulden.

5.   Latente belastingvordering 2022 2021
Stand per 1 januari 1.552 1.704
     
Mutatie in het boekjaar -865 -152
     
Stand per 31 december 687 1.552

De post latente belastingvordering is als volgt te specificeren:

  2022     2021    
  Begin Mutatie Eind Begin Mutatie Eind
Lening portefeuille 50 -50 0 144 -94 50
Afschrijving potentieel 1.072 -522 550 1.218 -146 1.072
Toekomstige verkopen 89 48 137 342 -253 89
Vestia 341 -341 0 - 341 341
Totaal boekwaarde 1.552 -865 687 1.704 -152 1.552

Ultimo 2022 bestaat er een waarderingsverschil tussen de commerciële en de fiscale waardering van het vastgoed in exploitatie. Dit verschil zal enkel worden gerealiseerd door afschrijving en bij sloop of verkoop. Hiervoor zijn aparte latenties gevormd. Voor het restant voorziet SallandWonen geen toekomstige afwikkeling. Realisatie neigt naar een oneindige duur, waardoor de contante waarde van dit verschil op nihil wordt gewaardeerd. Ultimo 2022 is de commerciële waarde van het vastgoed in exploitatie € 923,3 miljoen , de fiscale waarde bedraagt € 704,9 miljoen.

Het tijdelijke verschil inzake het afschrijvingspotentieel bedraagt nominaal € 2.245.000, de latente belastingvordering bedraagt nominaal € 579.000. De looptijd van deze latentie bedraagt circa 5 jaar. Bij deze latentie wordt geen rekening gehouden met de toekomstige WOZ waardeontwikkeling. Van deze latentie heeft € 462.000 een looptijd korter dan een jaar.

Het tijdelijke verschil inzake toekomstige verkopen bedraagt nominaal € 554.000, de latente belastingvordering bedraagt nominaal € 143.000. De looptijd van deze latentie bedraagt circa 5 jaar. Dit betreft woningen waarvan de fiscale waarde hoger is als de commerciële waarde. Bij woningen met een lagere fiscale waardering, wordt het verschil als gevolg van toepassing van de HIR niet gerealiseerd, derhalve wordt dit verschil niet gewaardeerd. Van deze latentie heeft € 37.000 een looptijd korter dan een jaar.

Naast de hiervoor genoemde waarderingsverschillen is er ook sprake van een waarderingsverschil op de activa ten dienste van de exploitatie. Vanwege de beperkte omvang is de belastingvordering met betrekking tot dit waarderingsverschil niet gewaardeerd. De contante waarde van het waarderingsverschil op de activa ten dienste van bedraagt € 19.000. De nominale van dit waarderingsverschil bedraagt
€ 92.000.

Met ingang van 1 januari 2019 is de ATAD-richtlijn van toepassing waardoor voor de bepaling van het fiscaal belastbaar bedrag de renteaftrek beperkt is. De aftrekbeperking ziet toe op het meerdere van 20% van de fiscale EBITDA met een ondergrens van € 1 miljoen (ATAD-norm). Indien in toekomstige jaren de rente daalt onder de hiervoor genoemde ATAD-norm is de eerder niet in aftrek genomen rente alsnog aftrekbaar. Hierdoor ontstaat een tijdelijk verschil. Ultimo 2022 bedraagt het saldo niet aftrekbare rente
€ 4.538.000. Op basis van de fiscale meerjarenbegroting is de inschatting gemaakt dat deze niet aftrekbare rente in de komende 10 jaar niet alsnog aftrekbaar is, derhalve is dit tijdelijke verschil niet gewaardeerd.

SallandWonen beschikt over een tijdelijk waarderingsverschil in de materiele vaste activa in ontwikkeling in combinatie met de voorziening onrendabele investeringen. Realisatie van dit verschil kan dan wel plaatsvinden via afschrijving na ingebruikname, dan wel bij toekomstige verkoop. Omdat SallandWonen niet het voornemen heeft van verkoop, zal realisatie als gevolg van duurzame doorexploitatie, neigen naar een oneindige duur en derhalve worden gewaardeerd op nihil.

6-7. Voorraden 2022 2021
Vastgoed bestemd voor verkoop 1.872 2.637
Overige voorraden 100 26
Totaal voorraden 1.972 2.663

De voorraad vastgoed bestemd voor verkoop bestaat uit nog niet verkochte grondposities, en woningen aangemerkt voor verkoop die ultimo boekjaar leegstaan. Ultimo 2022 zijn er 9 woningen opgenomen onder de voorraad, naar verwachting worden al deze woningen binnen één jaar verkocht. De grondposities worden gewaardeerd op basis van historische kostprijs, of lagere netto-opbrengstwaarde. De leegstaande woningen worden gewaardeerd op basis van de marktwaarde.

Vorderingen 2022 2021
Huurdebiteuren 514 240
Overige vorderingen 0 0
Overlopende activa 210 229
Totaal vorderingen 724 469

Alle onder de vlottende activa opgenomen vorderingen hebben een looptijd van minder dan één jaar.

8.   Huurdebiteuren 2022 2021
Zittende huurders 501 182
Vertrokken huurders 121 178
Voorziening debiteuren -108 -120
Totaal huurdebiteuren 514 240
9.   Overige vorderingen 2022 2021
Diverse overige vorderingen - -
10. Overlopende activa 2022 2021
Te activeren activa 19 -
Transitoria 191 229
Totaal overlopende activa 210 229
11. Liquide middelen 2022 2021
Kas 2 2
Rabobank 8.098 290
Bank Nederlandse Gemeenten 3.524 5.275
Totaal direct opvraagbaar 11.624 5.567

De liquide middelen staan volledig ter vrije beschikking en zijn direct opvraagbaar. Onder de liquide middelen is een bankgarantie van € 45.000 opgenomen.

12-14. Eigen vermogen 2022 2021
Stand per 1 januari 765.811 593.718
Resultaat boekjaar -17.363 172.093
Stand per 31 december 748.448 765.811
  2022     2021    
  Herwaardering reserve Overige reserves Resultaat Herwaardering reserve Overige reserves Resultaat
 1-jan 539.705 54.013 172.093 401.162 148.181 44.375
Resultaat vorig boekjaar   172.093 -172.093   44.375 -44.375
Resultaat boekjaar     -17.363     172.093
Gerealiseerde herwaarderingen -2.852 2.852 - -2.546 2.546 -
Niet gerealiseerde herwaarderingen -14.678 14.678 - 141.089 -141.089 -
31-dec 522.175 243.636 -17.363 539.705 54.013 172.093

Voorstel tot resultaatbestemming

SallandWonen kent geen statutaire resultaatbestemming van het eigen vermogen. Het voorstel is om het resultaat over 2022 ten laste van de overige reserves te brengen.

Voorzieningen 2022 2021
Voorziening onrendabele investeringen en herstructurering 9.910 1.819
Latente belastingverplichtingen - -
Totaal voorzieningen 9.910 1.819
15. Voorziening onrendabele investeringen en herstructurering 2022 2021
Stand per 1 januari 1.819 5.627
     
Mutaties in het boekjaar    
Dotatie voorziening nieuwe projecten 9.589 1.599
Dotatie voorziening bestaande projecten 2.135  
Mutatie voorziening nieuwe projecten -345 -654
Mutatie voorziening bestaande projecten -3.285 -21
Mutatie voorziening afgeronde projecten -3 -4.732
Totale mutaties in het boekjaar 8.091 -3.808
     
Stand per 31 december 9.910 1.819

De voorziening heeft betrekking op de in ontwikkeling genomen projecten (materiële activa in ontwikkeling) en verduurzamingsprojecten. SallandWonen heeft voor een zevental projecten een voorziening getroffen.

16.   Latente belastingverplichtingen 2022 2021
Stand per 1 januari - -
     
Mutatie in het boekjaar - -
     
Stand per 31 december - -

De voorziening latente belastingen ziet op de resterende opwaardeerverplichting. In verband met gewijzigde inzichten in de sector over hoe om te gaan met het tot waardering laten komen van (tijdelijke) verschillen en de onzekerheid over het moment en de omvang van de toekomstige belastingafdracht is dit waarderingsverschil ultimo 2022 niet gewaardeerd.

Langlopende schulden 2022 2021
Schulden aan overheid 1.536 6.337
Schulden aan kredietinstellingen 179.723 182.570
Verplichtingen uit hoofde onroerende zaken VoV 2.812 2.621
Totaal langlopende schulden 184.071 191.528
17. Schulden aan overheid 2022 2021
Stand per 1 januari 6.337 7.891
     
Mutaties in het boekjaar    
Nieuwe leningen - -
Aflossingen -5.216 -1.689
Mutatie verantwoording onder kortlopende schulden 415 135
Totale mutaties in het boekjaar -4.801 -1.554
     
Stand per 31 december 1.536 6.337
Aflossingsverplichting volgend boekjaar 93 508
18. Schulden aan banken 2022 2021
Stand per 1 januari 182.570 177.641
     
Mutaties in het boekjaar    
Nieuwe leningen 7.500 17.823
Aflossingen -10.383 -12.848
Mutatie verantwoording onder kortlopende schulden 36 -46
Totale mutaties in het boekjaar -2.847 4.929
     
Stand per 31 december 179.723 182.570
Aflossingsverplichting volgend boekjaar 2.771 2.867

Onder de post schulden aan banken is in 2022 tevens de agio op de leningruil Vestia opgenomen. De boekwaarde van de agio bedraagt € 2.631.000 (2021: € 2.691.000).

Rentevoet

De gemiddelde rentevoet van de leningen overheid en kredietinstellingen bedraagt circa 2,41 % (2021: circa 2,56 %). De rente van de vastrentende leningen is dan wel voor de gehele looptijd gefixeerd dan wel tot het renteherzieningsmoment. Het risico van deze leningen betreft: 

  • Op het moment van renteherziening indien de rente hoger dan wel lager is dan de oude contractrente. 
  • De herfinanciering van de tussentijdse en eindaflossingen van de lening in een nieuwe lening met een hogere dan wel lagere contractrente. 
  • De rente van de variabel rentende leningen (zogeheten roll-over leningen) zijn allen gebaseerd op
    3-maands Euribor. De rente van de roll-over leningen kent een spread van 0 tot en met 6 punten boven Euribor.

De basisrenteleningen hebben een rentetarief dat bestaat uit twee componenten, zijnde een basisrente en een liquiditeitsopslag. De basisrente geldt voor de volledige looptijd van de leningen. De liquiditeitsopslag geldt voor de overeengekomen periode, waarbij de eerste minimale looptijd 5 jaar bedraagt. Na 5 jaar dient een nieuwe liquiditeitsopslag met de bank overgekomen te worden. De liquiditeitsopslag van de huidige basisrenteleningen bedraagt tussen 0,36% en 0,43%.

Vervalkalender eindaflossingen lening portefeuille 2022 2021
Resterende looptijd < 1 jaar - -
Resterende looptijd 2 – 5 jaar 19.155 10.370
Resterende looptijd > 5 jaar 162.337 179.221
Totaal lening portefeuille 181.492 189.591

Zekerheden

De onroerende en roerende zaken in exploitatie zijn (nagenoeg) geheel gefinancierd met leningen onder borging van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Het Waarborgfonds Sociale Woningbouw heeft hierbij het recht van eerste hypotheek. Voor deze borgstelling wordt door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw een obligo per lening gevraagd. Als gevolg hiervan zijn de onroerende en roerende zaken in exploitatie die met geborgde leningen zijn gefinancierd niet met hypothecaire zekerheden bezwaard. De ultimo boekjaar bestaande obligoverplichting is onder de “Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen” opgenomen.
De zekerheid is verkregen tot een bedrag van € 178.832.000 (2021: € 190.404.000).

Reële waarde langlopende schulden

De reële waarde van de langlopende leningen wordt berekend als de contante waarde van de toekomstige rente- en aflossingsverplichtingen. De reële waarde van de langlopende schulden bedraagt
€ 174.275.000 per 31 december 2022.

Tegenpartijrisico 2022 2021
BNG 93.045 93.254
NWB 58.589 62.298
SNS 10.000 10.000
Gemeente 898 5.079
Energiefonds 3.860 3.860
Achmea 5.000 5.000
ABP 10.100 10100
Totaal lening portefeuille 181.492 189.591

De N.V. Bank Nederlandse Gemeenten is een bank van en voor overheden en instellingen van maatschappelijk belang. BNG is een structuurvennootschap. Aandeelhouders van de bank zijn uitsluitend overheden. De Staat is houder van de helft van de aandelen, de andere helft is in handen van gemeenten, provincies en een hoogheemraadschap. Nederlandse Waterschapsbank N.V. is een financiële dienstverlener voor de overheidssector.  Alle aandelen van de bank zijn in handen van overheden. Het tegenpartijrisico is hiermee gemitigeerd.

19. Verplichtingen uit hoofde van onroerende zaken VoV 2022 2021
Stand per 1 januari 2.621 2.129
     
Mutaties in het boekjaar    
Waardemutaties 191 623
Terugkoop woningen 0 -131
Totale mutaties in het boekjaar 191 492
     
Stand per 31 december 2.812 2.621

Het aantal woningen opgenomen onder onroerende zaken verkocht onder voorwaarden bedraagt 16 (2021:16). Ultimo boekjaar zijn er geen onverkochte woningen gelabeld voor verkoop onder voorwaarden.

Kortlopende schulden 2022 2021
Schulden aan overheid 93 508
Schulden aan banken 2.771 2.867
Schulden aan leveranciers en handelskredieten 2.069 1.512
Schulden ter zake van belastingen en premies sociale verzekeringen 1.253 1.119
Overlopende passiva 3.498 3.769
Totaal kortlopende schulden 9.684 9.775

Alle onder de kortlopende schulden hebben een verwachte looptijd van minder dan één jaar.

20. Schulden aan overheid 2022 2021
Aflossingsverplichting leningen overheid 93 508
21. Schulden aan banken 2022 2021
Aflossingsverplichting leningen banken 2.771 2.867

De aflossingsverplichting bestaat uit 2,9 miljoen reguliere aflossingen.

22. Schulden aan leveranciers 2022 2021
Schulden aan leveranciers 2.069 1.512
23. Schulden ter zake van belastingen en premies sociale verzekeringen 2022 2021
Vennootschapsbelasting 113 365
Omzetbelasting 872 568
Loonheffing 214 186
Premies sociale verzekering en pensioenpremie 54 -
Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen 1.253 1.119
24. Overlopende passiva 2022 2021
Niet vervallen rente 2.009 2.190
Reservering verlofuren 231 231
Vooruit ontvangen huur 373 386
Te verrekenen servicekosten 228 142
Nog te ontvangen facturen 5 31
Diverse overlopende passiva 652 789
Totaal overlopende passiva 3.498 3.769

Financiële instrumenten

Algemeen

De toegelaten instelling loopt kredietrisico over financiële vaste activa, vorderingen en effecten. Het maximale kredietrisico inzake financiële vaste activa bedraagt € 0,7 miljoen (zijnde een latente belastingvordering). Het maximale kredietrisico inzake vorderingen bedraagt € 0,7 miljoen en het maximale kredietrisico inzake effecten bedraagt € 0,-. De vorderingen van de toegelaten instelling uit hoofde van de huurdebiteuren ad € 0,5 miljoen zijn gespreid over een groot aantal huurders. De vorderingen op deelnemingen bedragen in totaal (langlopend en kortlopend) € 0,45 miljoen en hebben betrekking op de deelneming Het Saalien Holding BV. Zie voor een nadere toelichting de post deelnemingen in de enkelvoudige balans. 

Beleggingsrisico

De Beleidsregels verantwoord beleggen door toegelaten instellingen volkshuisvesting zijn geïntegreerd in het treasurystatuut. Naast de (vordering op) deelnemingen heeft SallandWonen geen beleggingen, waardoor zij terzake geen (wezenlijke) beleggingsrisico’s loopt.

Liquiditeitsrisico

De toegelaten instelling beschikt ultimo 2022 niet over een kredietfaciliteit.

Kredietrisico

De toegelaten instelling maakt in de normale bedrijfsuitoefening gebruik van uiteenlopende financiële instrumenten die de toegelaten instelling blootstellen aan markt- en/of kredietrisico’s. Het betreft financiële instrumenten die in de balans zijn opgenomen en interest derivaten om toekomstige kasstromen af te dekken. De toegelaten instelling handelt niet in deze financiële derivaten en heeft procedures en gedragslijnen om de omvang van het kredietrisico bij elke tegenpartij of markt te beperken. Bij het niet nakomen door een tegenpartij van aan de toegelaten instelling verschuldigde betalingen, blijven eventuele daaruit voortvloeiende verliezen beperkt tot de marktwaarde van de desbetreffende instrumenten. De contractwaarde of fictieve hoofdsommen van de financiële instrumenten zijn slechts een indicatie van de mate waarin van dergelijke financiële instrumenten gebruik wordt gemaakt en niet van het bedrag van de krediet- of marktrisico’s.

Renterisico en kasstroomrisico

De toegelaten instelling loopt renterisico over de rentedragende vorderingen en schulden. Voor vorderingen en schulden met variabele renteafspraken loopt de toegelaten instelling risico ten aanzien van de toekomstige kasstromen, met betrekking tot vastrentende vorderingen en schulden loopt de toegelaten instelling risico’s over de marktwaarde. Met betrekking tot bepaalde variabel rentende schulden heeft de toegelaten instelling interest derivaten afgesloten, waarbij de variabele rente wordt omgezet naar een vaste rente. Zie voor een nadere toelichting inzake de renteherzieningsdata- en aflossingsdata, het tegenpartijrisico en de onderpandverplichtingen inzake rente-instrumenten, de toelichting bij de langlopende schulden.

Reële waarde

De reële waarde van de in de balans verantwoorde financiële instrumenten zoals vorderingen, liquide middelen en kortlopende schulden, benadert de boekwaarde ervan. SallandWonen heeft geen effecten. De reële waarde van de schulden aan overheid en kredietinstellingen bedraagt ultimo 2022
€ 174.275.000 (2021: € 248.011.000) en is daarbij gebaseerd op de kasstromen van de leningenportefeuille (exclusief interestderivaten) gebruikmakend van een disconteringsvoet gebaseerd op actuele marktrente voor vergelijkbare leningen. De boekwaarde bedraagt ultimo 2022 € 181.492.000 (2021: € 189.591.000). De reële waarde van de vorderingen op deelnemingen is niet voldoende betrouwbaar te bepalen. Voor nadere informatie wordt verwezen naar de toelichting op de post deelnemingen in deze jaarrekening. De reële waarde van de overige langlopende schulden (waar onder de terugkoopverplichting inzake verkocht onder voorwaarden) benadert de boekwaarde ervan.

Valutarisico

SallandWonen is alleen werkzaam in Nederland en loopt geen valutarisico’s.

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen

Afname verplichting

SallandWonen heeft met Nikkels Bouwbedrijf te Olst een turn-key overeenkomst afgesloten voor de afname van 20 huurwoningen. De omvang van deze verplichting bedraagt € 2.812.000, de woningen worden naar verwachting in 2023 opgeleverd.

Obligo

Het obligo aan het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) uit hoofde van door het WSW geborgde leningen, welke opeisbaar wordt, indien blijkt dat het aan het WSW betaalde disagio en de achtergestelde leningen tezamen niet voldoende zijn om de aanspraken op het WSW te dekken. Per 31 december 2022 heeft SallandWonen een obligo uitstaan van € 7.193.109. Dit is berekend over de grondslag van € 178.834.000 tegen een obligopercentage van 3,85%. Er zijn geen indicaties dat de obligo verplichting zal worden opgevraagd.

Vanaf 2021 is de obligolening een nieuw onderdeel van het borgstelsel van WSW. Dit betreft een lening met een variabele hoofdsom, waar enkel een beroep op wordt gedaan wanneer de jaarlijkse obligo heffing niet voldoende is om voldoende liquide middelen beschikbaar te hebben in relatie tot de geborgde verplichtingen van het WSW. Ultimo 2022 is de hoogte van de obligolening bij SallandWonen € 4.876.000. Er is geen indicatie dat de obligolening zal worden aangesproken.

Wet ketenaansprakelijkheid

In het kader van de Wet ketenaansprakelijkheid, wordt met het oog op risicobeperking voor alle betreffende aannemers (nieuwbouw, planmatig- / mutatie- /  dagelijks onderhoud) zowel de G-rekening constructie als de Btw-verleggingsregeling toegepast. Hierdoor is het risico vrijwel nihil. 

Fiscale eenheid

SallandWonen vormt samen met haar dochterondernemingen een fiscale eenheid voor de heffing van vennootschapsbelasting en BTW. Elke vennootschap en de toegelaten instelling SallandWonen zijn aansprakelijk voor te betalen belasting van alle bij de fiscale eenheid betrokken vennootschappen.

Faillissementen bouwbedrijven

In 2007 is het faillissement over bouwbedrijf Bosch te Olst uitgesproken. De financiële schade voor SallandWonen is op dit moment niet bekend. De afwikkeling van het faillissement bevindt zich in de afsluitende fase.

Terugkoopverplichting

SallandWonen heeft in 2008 het pand Olsterhof 26 te Olst verkocht. In de verkoopovereenkomst is een terug verkoopmogelijkheid opgenomen. Op dit moment is er geen indicatie dat het pand op korte termijn teruggekocht moet worden, derhalve is deze verplichting niet gewaardeerd.

Investeringsverplichtingen

Er zijn niet in de balans opgenomen verplichtingen ten aanzien van nieuwbouw en renovatie tot een bedrag van € 17 miljoen.

Prestatieafspraken

SallandWonen heeft met de gemeenten binnen het werkgebied afspraken gemaakt ten aanzien van de betaalbaarheid van het woningaanbod, met name voor de doelgroep van beleid. Deze afspraken beperken de mogelijkheden tot huurverhoging bij het leegkomen van woningen.

Versie:
v6.2.32

Met iWink Report maak je professionele online publicaties. Publicaties die je online, in print en als PDF-download kunt aanbieden.

En daarmee voldoe je direct aan de WCAG-wetgeving rond digitale toegankelijkheid.

Eenvoudig, veilig en efficiënt.

Meer over iWink Report